Geelsprietdikkopje / Thymelicus sylvestris

Sp.

 

 

Voorkomen: Europa, N- W-Afrika, M-Oosten, Turkije, Iran, Kaukasus, Z-Oeral.
Vliegtijd: 1 generatie, mei / augustus
Biotoop: Bloemrijke plaatsen met hoge grassen, open plekken in het bos, struweel,  ruige graslanden,
Waardplanten: Gestreepte witbol  (Holcus lanatus); Gladde witbol (Holcus mollis); Timothee (Phleum pratense) Boskortsteel  (Brachypodium sylvaticum).
Eitjes: ronder dan bij T.lineola, worden in kleine groepjes gelegd.
Rups: Groen, 1 donkere en een paar lichte lengtestrepen. kop groen.
Pop: Groen ook met wat lengtestrepen.

 

Kinzigtal, Baden Würtemberg, Duitsland, augustus 2005, mannetje