Koniginnepage / Papilio machaon

Sp. 86-93mm/76-83mm

 
Voorkomen: Europa, Nw-Afrika,M.Oosten AziŽ, Japan.
Vliegtijd: 1,2, soms 3 generaties afhankelijk van de plek.  maart/oktober
Biotoop: Heuvelland in schrale, beweide graslanden, ook in moerassige gebieden.
Waardplanten: Wilde peen (Daucus caro-ta); grote engelwortel (Angelica archan-gelica); Venkel (Foeniculum vulgare)e.a.
Eitje: Kogelrond geel/wit. Eitjes worden op de bladeren gelegd.
Rups: De jonge rups is zwart met een witte vlek (lijkt op een vogelpoepje),in een later stadium is zij groen met zwarte ringen en daarin oranjerode punten, bij verstoring komt er, ter afschrikking, achter de kop een orgaan te voorschijn (osmaterium genaamd), dat een zeer on-aangename lucht verspreid.
Pop: De gordelpop wordt meestal bevestigd aan een stengel van de voedselplant. De eerste paar uur is zij nog groen (416 2d g), maar wordt spoedig bruin. De vlinder overwintert in het popstadium.
  Drautal, KarinthiŽ, Oostenrijk, mei 2006

 

 
   
  Drautal, KarinthiŽ, Oostenrijk, mei 2006

 

 
   
  DŲbriach, KarinthiŽ, Oostenrijk, mei 2006   
   
  DŲbriach, KarinthiŽ, Oostenrijk, mei 2006

 

 
   
  DŲbriach, KarinthiŽ, Oostenrijk, mei 2006